Speculaasjes (1957) J.H. Baas

Max Dereta
Over het kunstwerk

Deze twee sculpturen stonden oorspronkelijk aan weerszijden van het voormalige stationsgebouw. Sybold van Ravesteyn, architect van het voormalige Centraal Station, speelde oorspronkelijk met het idee om Henry Moore te vragen deze sculpturen te maken. Hij bracht daarvoor een bezoek aan Londen, maar dit zou financieel niet haalbaar blijken. Daarom gaf Van Ravesteyn zijn medewerker J.H. Baas opdracht iets in de geest van Moore te ontwerpen. Sommige zien in de twee beeldhouwwerken een komende of gaande reiziger, maar volgens een krantenknipsel uit het NRC van 20 mei 1957, “beelden de objecten geen reizigers uit, maar zijn het ornamentele figuren die het decoratief goed doen en die met hun samenstel van wiskunstige figuren tevens een bepaald karakter bezitten; dynamiek, wetmatigheid, orde, klaarheid”. Volgens de onbekende auteur van het stuk waren dat “toch zeker typische eigenschappen van het spoorwegbedrijf”. In de loop der tijd hebben de sculpturen de bijnaam ‘Speculaasjes’ gekregen, maar waar dat vandaan komt, is onbekend. Tijdens de verbouwing van het Centraal Station zijn de ‘Speculaasjes’ gelukkig bewaard gebleven en sinds augustus 2013 zijn ze weer zichtbaar voor het grote publiek. De sculpturen zijn op het eerste en laatste perron teruggeplaatst en zichtbaar wanneer je door de fietstunnel fietst. Maar als eerbetoon aan Van Ravesteyn en zijn medewerker heeft Team CS het beeld op nog meerdere plekken laten terugkeren. Ze zijn als repeterend patroon verwerkt in de wanden van de stationshal. En nog spectaculairder – ook vanaf grote hoogte zijn de ‘Speculaasjes’ zichtbaar. Op de glazen overkapping van het station zijn duizenden zonnecellen aangebracht en zijn de contouren van de ‘Speculaasjes’ zichtbaar. Na bijna 60 jaar een prachtig gebaar!

lees meer
Over de kunstenaar

J.H. Baas (1909-1990) was bouwkundig tekenaar. Hij was verbonden aan het architectenbureau van Sybold van Ravesteyn, de architect die het voormalige Centraal Station ontwierp.