In 1950 opende op de Blaak 34 een bank van de Nederlandsche Handelsmaatschappij (NHM), in 1824 opgericht op initiatief van koning Willem I om de Nederlandse handel na de Franse tijd nieuw leven in te blazen. Dit bankgebouw is vlak na de oorlog ontworpen door de Rotterdamse architecten A.A. van Nieuwenhuyzen en Cornelis Elffers, want de voorganger van dit pand was tijdens het bombardement van mei 1940 zwaar beschadigd geraakt. Het gebouw is samen met de naastgelegen bankgebouwen van de Twentsche Bank (Blaak 28) en de voormalige Amsterdamsche Bank/Incassobank (Blaak 40) één van de eerste gebouwen die na de oorlog gerealiseerd zijn, want banken en verzekeraars waren de enige instellingen die voldoende geld hadden om zonder overheidssteun snel weer te bouwen. Deze drie panden vormen samen één ensemble, doordat ze op één rooilijn zijn geplaatst, dezelfde bouwhoogte hebben (24 m) en in kleur op elkaar afgestemd zijn. In 2010 kreeg het gebouw de status Rijksmonument. De entree is uitgerust met een verhoogd trapbordes, waarop aan de voorzijde een bronzen embleem van de NHM ontworpen door Nel Klaassen, is aangebracht. Links in de voorgevel bevindt zich nog een extra toegang door middel van twee bronzen deuren. Boven deze ingang zijn twee gebeeldhouwde vrouwen geplaatst, die voorzichtigheid en trouw symboliseren. De vrouw links houdt een spiegel in haar handen – het symbool voor Prudentia – om zichzelf te kunnen observeren, waarna door verstandigheid en wijsheid de goede keuzes te maken. De vrouw rechts draagt een kleine hond op haar onderarm, een symbool voor trouw. De beelden zijn gemaakt door Hank Hans, die vaker met Cornelis Elffers samenwerkte. De beelden zijn waarschijnlijk in nauw overleg ontstaan en ze markeren op een klassieke manier de ingang in een uitgebalanceerd samenspel met de stenen ornamenten en zuilen als dragers. Boven een zijingang van dit gebouw in de Posthoornstraat is een gelddrager en sleutelbewaarder te vinden van beeldhouwer Hans Petri.