Van Centraal Station naar Overschie

Welkom bij deze route die u leidt langs verschillende kunstwerken van Rotterdam Centraal Station naar Overschie. Veel plezier!

Of kies je eigen start- en eindpunt!
Kies nu nog je eindpunt!

J.H. Baas

Speculaasjes (1957)

‘Dan doe ik het zelf wel’, dacht assistent J.H. Baas toen stationsarchitect Van Ravesteyn hem vertelde over de hoge prijzen van de beroemde beeldhouwer Henry Moore, bij wie hij had geïnformeerd. Daarom maakte Baas zelf twee Moore-achtige beeldhouwwerken voor naast de entree. Die zijn herplaatst in het huidige station waar ze ook terugkeren als decoratief patroon.

Huib Noorlander

Thomas More (1970)

‘Een van de grootste problemen van onze tijd is dat velen geschoold zijn maar weinigen opgeleid,’ zei de beroemde 16e-eeuwse humanist Thomas More kritisch, en zo kijkt hij hier ook wel een beetje naar alle scholieren die hem passeren. In zijn hand houdt hij wellicht het manuscript van Utopia, zijn beschrijving van een politiek systeem van een fictieve ideale staat.

Over de R.K. Jongeskweekschool ‘Thomas Morus’ (1958-1965)
Dit schoolgebouw van gewapend beton is ontworpen met veel glas. Dat geeft openheid en dus wisselwerking tussen het leven binnen én buiten – belangrijk voor de jeugd, die die wereld in moet. De buitengevels zijn dynamisch maar binnen, rond een bloemrijke binnentuin, zijn ze juist rustig. Want ontspanning is ook belangrijk. Dat geldt nog steeds en daarom is de tuin rond het pand recent opnieuw ingericht.

Gust Romijn

Uitvliegende vogel (1960)

‘Men kan er iets van een vogel in zien, maar ook van een ontluikende bloem. Loopt men er onderdoor en kijkt men naar boven dan is het een bronzen bril naar het uitspansel,’ zei architect Bakema over de Uitvliegende vogel van Romijn. Deze flamboyante man, omschreven als een ‘eenmanskunstleven’, vloog zelf uit naar een kunstenaarsboerderij vol groen en kunst, aan de rand van de stad.

Over het Montessorilyceum (1951-1959) van Van Den Broek en Bakema
Op deze langgerekte strook langs het spoor konden Van den Broek en Bakema enkel een langgerekt schoolgebouw kwijt. Deze betonminnende wederopbouwarchitecten waren bekend van de Lijnbaan, volgens de New York Times destijds het enige echt nieuwe in Europa. Ze ontwierpen de tweelaagse school als een lange gang, die naar het eind toe steeds smaller wordt, met daaraan alle klaslokalen.

Leendert Bolle

Zonder titel (1940)

Dit golvende hekwerk, met dierfiguren in het smeedwerk, is ontworpen door architect Van Ravesteyn, de meester van de gebogen lijn. Het werd bekroond door juist vrij platte sculpturen van beeldhouwer Leendert Bolle. Door ziekte kon hij niet meer houwen; hij tekende deze diersilhouetten die door anderen zijn uitgevoerd in beton dat met goudverf afgelakt moest worden.

Over Diergaarde Blijdorp (1937-1940) van Sybold van Ravesteyn
Voor de oorlog al was de nieuwe diergaarde in aanbouw, een elegante flaneer locatie die in december 1940 opende. Sybold van Ravesteyn ontwierp het als een gesamtkunstwerk met veel gebouwen en kunst, en met weinig kooien. Hij ontwierp elk detail, tot het logo met de giraffen aan toe. Tegenwoordig zijn delen van het park een Rijksmonument.

Han Rehm

Fanny Blankers-Koen (1956)

Met een krachtige pose passeert de viervoudig Olympisch kampioene hier de denkbeeldige finish uit 1948. Voor een bronsplastiek maakt de pose het evenwicht juist wankel – dat heeft de beeldhouwer Han Rehm knap gedaan. Buurtbewoners waken over de sportheldin die soms ineens een sportshirt draagt. ‘Mevrouw Blankers, we hebben u vandaag even schoongemaakt. U zat helemaal onder de vogelpoep’, luidt een briefje.

Klaas van Rosmalen

Manneke (1976)

Bij dit hyperfunctionele wederopbouwpand verscheen in latere fases toch wat kunst, zij het met werkelijk nul onderlinge samenhang. Op dit bronzen Manneke (1976) als personeelsgeschenk, volgde een sculptuur van gerecycled afval: Roteb Eco monument (2011) van Jan Eric Visser. En op de dakrand de glorieuze dichtregel Steden schuilen niet wanneer het regent (2013) van Joseph Brodsky in het groen van de Rotterdamse huisstijl.

Over Kantoor en Werkplaats Gemeentelijke Vervoer- en Motordienst (1951-1954) van Van den Broek en Bakema
Strak, geen poespas, doorwerken mensen. Zo ontwierpen Van den Broek en Bakema het naoorlogse Nederland, te beginnen in Overschie. Van modern strak beton en met sheddaken maakten ze ook de bedrijfswerkplaatsen voor de ROTEB: Reiniging, Ontsmetting, Transport En Brandweer.

Jan Eric Visser

Roteb Eco monument (2011)

Dit dienstgebouw van de Roteb, een ontwerp van Van den Broek en Bakema, was toe aan een opknapbeurt. Op 5 oktober 2011 werd het duurzaam gerenoveerde gebouw geopend, samen met de onthulling van dit kunstwerk  van kunstenaar Jan Eric Visser. De sculptuur is gemaakt van afvalmateriaal en gebruikte voorwerpen. Het fundament is een betonnen trap, de sokkel is van bouwstenen van puin. Daar bovenop een skelet van 90 aan elkaar gelaste fietsframes en een drainagesysteem van gerecycled afvalplastic, waardoor er bovenop het beeld gras kan groeien.

Observatorium

Die bocht (2011)

Hoe in de bocht van deze snelweg zich ineens de skyline van Rotterdam openbaart, daarover schreef Martin Bril een gedicht dat door kunstenaarsgroep Observatorium werd vertaald naar deze snelwegsculptuur. Daarmee anticipeerden ze op de toekomst van het plein, wanneer het niet meer in gebruik is voor het verkeer en het een park zou kunnen worden om rustig te flaneren.

Kleinpolderplein – museum voor verweesde beelden (2012)

Verstopt onder de snelweg ligt een beeldenparkje voor verweesde sculpturen die door ontwikkelingen in de stad ontheemd zijn geraakt en nieuw onderdak nodig hadden. Een aantal dateert uit het wederopbouwtijdperk, net als deze fly-over. Met de vijftien sokkels vormen ze een brutalistisch uitziend museum van afgedankte vooruitgang, dat in geval van nood als waterbassin dient.

Over het verkeersknooppunt Kleinpolderplein (1967-1971)
Tot de Ruit om Rotterdam, een randwegenstelsel van 41 km, behoren de Van Brienenoordbrug (1965), Beneluxtunnel (1968) en dit verkeersplein. Aangelegd in vier hoogteniveaus van prefab betonnen elementen kostte het omgerekend € 50 miljoen – veel meer dan begroot. Wel was het op tijd klaar en werd het gewaardeerd. Het Vrije Volk schreef: ‘Het swingt van de viaducten en onderdoorgangen op het nieuwe Kleinpolderplein.’

Joan Bakker

Vogels (1959)

Abstracte kunst? Nee hoor. Dit beeld bestaat uit twee opeengestapelde vogels die van elkaar vandaan vliegen. De lijn van de lijfjes loopt door in de staarten. Blij en enthousiast hadden leerlingen van de bijbehorende school het in bonte kleuren geverfd, maar dat was toch niet de bedoeling. Die kleurlaag is weg, het is nu goud geverfd. Daardoor zien we nog steeds niet de originele steenkleur.

Lucien den Arend

Divergence (1975)

Na de wederopbouw werden gebouwen nog steeds voorzien van kunst, maar het werd zakelijker en abstracter. Ook maakte het zich los van de architectuur. Daardoor kon dit minimal art object, dat eerst elders stond, moeiteloos worden verplaatst naar dit nieuwe pleintje. Daar geeft het zijn nieuwe omgeving toch een vleugje ingetogen elegantie.

Henk de Vos

Hand en hoofd (1959)

‘Als je iets wilt maken moet je weg uit Rotterdam’, zei Henk de Vos, een wereldreiziger, die toch terugkeerde in de wederopbouw, en er veel werk vond. Zijn grote reliëfs bevatten eenvoudige en elegante vormen. Een dienstbare en degelijke kunst, want hij vond dat je in opdrachtsituaties ‘je experimentele driften’ moest opgeven. Dit natuurstenen reliëf, letterlijk en figuurlijk een gebaar, geeft diepte aan de architectuur van de toenmalige meisjesschool. Helaas verkeert het in slechte staat.

Over de 6e Nijverheidsschool De Starrenburg (1954-1959) van Lockhorst, Koldewijn en Van Eijk
Deze nijverheids- oftewel huishoudschool werd ontworpen met zowel theorieruimtes als kook- en naailokalen. Het werd gebouwd volgens een nieuw idee, het haltype: een centrale hal verbindt alle functies in de school, om zo mensen samen te brengen. De hal was zowel ontmoetingsruimte, aula, als ruimte voor activiteiten als danslessen. Na het vertrek van de school zijn er verschillende, tijdelijke bedrijfjes in getrokken.

Kees Timmer

Hond (1960)

Deze vrolijke speelplastiek dateert uit het tijdperk van voor de rubbertegels, toen betonnen objecten op schoolpleinen nog niet golden als gevaar voor knietjes en melktanden. Kees Timmer verkoos dieren boven mensen, en verbeeldde ze als waarschuwing tegen de industrialisatie en verzakelijking. Helaas staat de klimhond nu achter een hek, net zoals de gekooide dieren die melancholicus Timmer veel schilderde.

Henk Sutterland

Herdenkingsmonument Overschie ’40-’45 (1955)

‘Ontwerp H. Sutterland wéér afgekeurd’, meldde Het Vrije Volk in 1955 en het comité ‘Voor hen die vielen’ in Overschie was aan het eind van zijn latijn. Al jaren diende de gemeentearchitect plannen in. Er stond geld klaar voor een acht meter hoge gedenknaald – ook afgekeurd. Nadat hij deze verving door een travertijnen stompe zuil met bronzen bloembak, keurden de autoriteiten het goed.

André Volten

Mikado (1975)

Dit beeld voor het vliegveld liep vertraging op door de vele discussies – te duur, het vliegveld verliesgevend. Daarom ontwierp Volten, een gerenommeerd kunstenaar, de buizenplastiek voor de zekerheid uit losse delen. Dan kon het bij faillissement gemakkelijk verplaatst worden. Het verbeeldt dalend en opstijgend vliegverkeer maar werknemers, bang voor hun baan, bestempelden het als een ‘toonbeeld van een instortend vliegveld’.

Over het Luchthavengebouw Zestienhoven (1956-1970) van gemeentearchitect J. Bister
Ter vervanging van het in de oorlog verwoeste vliegveld Waalhaven, opende op aandringen van Rotterdamse havenbaronnen in 1956 vliegveld Zestienhoven. Vervolgens bracht 1966 een verlengde startbaan, 1967 een luchthavengebouw, 1970 een stationsgebouw en toen vooral debat en protesten over sluiting vanwege de financiële verliezen. Toch bleef Rotterdam The Hague Airport open en werd een populaire plek om tijdens een kop koffie vliegtuigen te kijken.

Joop Hekman

Zonder titel (1952)

De architect wilde behalve kleur ook reliëf in de gevels, daarom ontwierp Joop Hekman deze stenen. Vissen waren een geliefd wederopbouwmotief, als uitdrukking van een harmonieus leven van mens en natuur, zelfs in de stad of tussen bedrijven. Driftig zwemmen de in beton gegoten visjes de hoek om, de toekomst tegemoet.

Over de woningbouw Becramming en Cannemanstraat (1951-1952)
Architect L.J. Linssen ontwierp voor de Dienst Volkshuisvesting deze 2 wijkjes met laagbouw, 425 woningen in totaal. Kunstenaar Luigi de Lerma voorzag ze van gele strepen en kleurige deuren en nissen. Binnen waren de huizen gerieflijk, toch werden ze schoenendozen genoemd en door Het Vrije Volk zelfs ‘duistere dominosteentjes’. In 1993-94 zijn ze nogal rigoureus gerenoveerd met gepleisterde gevels, kunststof kozijnen en opzichtige nieuwe entrees.

Diet Wiegman

Monument bevrijding en wederopbouw (1995)

Ter markering van vijftig jaar vrijheid en van de wederopbouw, maakte Diet Wiegman samen met zes basisscholen dit monument. Van voren is het een flatgebouw, strak en netjes. Maar vervolgens lijkt dit alweer af te brokkelen want de achterkant is ruw, als een grot of archeologische vondst – of als verval. Wiegman hield van tegenstellingen en het gevoel voor cycli, veranderlijkheid.

J.H. Baas

Speculaasjes (1957)

Meer lezen

Huib Noorlander

Thomas More (1970)

Meer lezen

Gust Romijn

Uitvliegende vogel (1960)

Meer lezen

Leendert Bolle

Zonder titel (1940)

Meer lezen

Han Rehm

Fanny Blankers-Koen (1956)

Meer lezen

Klaas van Rosmalen

Manneke (1976)

Meer lezen

Jan Eric Visser

Roteb Eco monument (2011)

Meer lezen

Observatorium

Die bocht (2011)

Meer lezen

Kleinpolderplein – museum voor verweesde beelden (2012)

Meer lezen

Joan Bakker

Vogels (1959)

Meer lezen

Lucien den Arend

Divergence (1975)

Meer lezen

Henk de Vos

Hand en hoofd (1959)

Meer lezen

Kees Timmer

Hond (1960)

Meer lezen

Henk Sutterland

Herdenkingsmonument Overschie ’40-’45 (1955)

Meer lezen

André Volten

Mikado (1975)

Meer lezen

Joop Hekman

Zonder titel (1952)

Meer lezen

Diet Wiegman

Monument bevrijding en wederopbouw (1995)

Meer lezen

Instruction

U bent aan het einde van deze route gekomen. Wij hopen dat u veel kunstwerken heeft gezien en dat u nog eens gebruik zult maken van een andere route. Tot ziens!